Kornuit

Een supersynthesizerspecial met Sjamsoedin

De volgende Kornuit-avond bij Radio Radio staat eenmalig in het teken van synthesizers, met in de hoofdrol modular synthfreak Sjam Sjamsoedin. De synthesizer is al veertig jaar niet weg te denken uit het muzieklandschap en ook de modulaire zelfbouwsynth is steeds vaker op podia te zien bij een Floating Points of Kaitlyn Aurelia Smith. De artiesten die mede dankzij het elektronische instrument doorbraken staan nog steeds vol in de spotlights. Afgelopen zomer zong jong en oud mee met New Order’s Blue Monday in de Alpha van Lowlands en Kraftwerk sloot de mainstage van Best Kept Secret af.

 

Dekmantel boekte Tangerine Dream en Suzanne Ciani, stuk voor stuk pioniers die al veertig of zelfs vijftig jaar de grenzen van het muzikale opzoeken middels allerlei verschillende soorten elektronische geluiden. Waar de mainstream toen nog moest wennen aan de klanken genieten nu tientallen miljoenen Stranger Things-kijkers volop van de soundtrack van Kyle Dixon en Michael Stein, die zelfs op wereldtour gingen om de themesongs te spelen. Maar wie weet dat Faithless met ‘Insomnia’ vooral scoorde dankzij de Roland JD-990? Of Prince zijn ‘1999’ beat leunt op de Oberheim? Alleen de echte kenners, die er dagelijks mee pielen in de studio of die synthfora afstruinen op zoek naar koopjes. Sjamsoedin is er ook zo een.

 

Voor de chronologie is het misschien beter om die MPC ná het elektronische drumstel te noemen. 

bijvoorbeeld: Toen ontdekte ik iets belangrijks, namelijk dat ik daar beats in kon programmeren, vrij kort daarna kocht ik mijn eerste MPC, een sampler waarop ik hele tracks kon produceren.

 

“Als kind was ik al dol op hifi-sets en vond ik met regelmaat afgedankte platenspelers, vooral tijdens Koninginnedag. Zo begon ik met scratchen en ik drumde ook. Ik was daardoor ook direct al geïnteresseerd in alle drumcomputers en synths en alles wat maar geluid maakt. Mijn grote inspiraties waren hiphopproducers als Pete Rock, DJ Premier, Large Professor en RZA. Toen we van Baarn naar Utrecht verhuisden kreeg ik van mijn moeder nag lang overleg een elektronisch drumstel, zodat de buren er niet te veel last van hadden. Toen ontdekte ik iets belangrijks, namelijk dat ik daar dingen in kon programmeren. Vrij kort daarna kocht ik mijn eerste MPC, een sampler waarop ik hele tracks kon produceren.”

Naast beats programmeren ging het scratchen hem goed af, hij won er zelfs een ‘rookie of the year’ prijs mee bij een turntablism wedstrijd. Als turntablist werd hij later ook op tour meegevraagd door Zuco 103, de Braziliaans-Nederlandse band die jarenlang de wereld over reisde. Daar leerde Sjam vervolgens over Ableton en software-matig muziek maken. De liefde voor hardware won het echter altijd. “Een synth heeft iets magisch voor mij. Je hebt een apparaat in je handen en wilt weten hoe die klinkt en voelt. Telkens weer een andere interface, een andere klankkleur. Ik probeer wel op te passen dat ik niet alle synths ga opkopen en een museum creëer, ik ben een muzikant en geen pure verzamelaar. Vooral als je ‘in modular gaat’, kun je jezelf makkelijk verliezen zich in de gear.”

 

‘In modular gaan' betekent een modulaire synthesizer aanschaffen. In tegenstelling tot de fabrikant die de sound van een synth vooraf voor je bepaalt, kun je met zo’n instrument alles zelf creëren, afhankelijk van de elementen (modules) die je erin stopt. Hij neemt de modulaire bank als voorbeeld om het apparaat uit te leggen: “Je hebt een hoekstuk en een middenstuk, als je die aan elkaar schuift heb je een bank. Zo stop je ook modules in een kist met de voeding en elke module doet iets met geluid. Zo heb je klankgenerators en dingen die de klankkleur of het volume beïnvloeden. Het draait allemaal om de interface van het unieke instrument dat jij hebt samengesteld. Je verbindt vervolgens met kabeltjes de modules met elkaar, je begint bijvoorbeeld bij de klankopwekker - de oscillator -  en die stuur je met een kabel naar een filter om bepaalde frequenties weg te halen of juist te benadrukken. Daarna verbind je je output daarvan weer naar de input van een amp, een versterker. Er zijn duizenden manieren om je oscillator dikker te laten klinken en anders te mixen, de mogelijkheden zijn echt eindeloos.”

 

Mede dankzij de populariteit en de betaalbaarheid van de Eurorack kast, waar ruim 270 fabrikanten, veel kleine eenmansbedrijfjes maar ook Moog en Roland nu duizenden modules voor produceren, zit modular zo enorm in de lift. Het aanschaffen van een Eurorack systeem zorgde bij Sjam ook voor een kleine revolutie. “Ik wilde zó veel lezen over die dingen en was zoveel bezig met kopen en verkopen van modules, dat ik eigenlijk maar heel weinig muziek heb opgenomen. Ik ben er wel heel veel mee gaan jammen.” Een ander voorbeeld van een artiest die veel jamt en zijn eigen modular revolutie beleefde is Colin Benders, de goede vriend van Sjam die vroeger bekend stond als Kyteman. Hij heeft al jaren geen trompet meer aangeraakt en stort zich alleen nog maar op zijn modular synth, waar hij zelfs live mee speelde in de iconische Berghain. 

Je ziet enorme apparaten met knoppen en schuiven, een bizarre wirwar aan kabels en een intimederend aantal blinkende lichten. In tegenstelling tot de traditionele keyboard synths mis je ook de toetsen op dergelijke apparaten. “Als ik live speel is het een controleerbaar instrument voor mij en weet ik wat voor geluiden eruit komen, maar in de studio ruk ik alle kabels eruit en zoek ik alle mogelijkheden die ik heb op. Mijn hele filosofie op muziek maken is erdoor veranderd. Vroeger was ik altijd bezig met alles strak en perfect te krijgen, nu weet ik het juist gaaf is als dingen net niet perfect zijn. Mijn hele opnameproces is totaal veranderd, je zet dat ding aan en kijkt waar je uitkomt. Hoe meer je inzoomt op één apparaat en de functionaliteit daarvan, hoe meer je op cratieve dingen komt. Het is een heerlijke tool die ik niet meer wegdenk uit mijn leven, maar ik vind het soms ook gewoon heel lekker om een akkoord op toetsen te kunnen spelen.” Sjam neemt me in zijn Amsterdamse studio mee in zijn stapels synthesizers, meer dan twintig die hij heeft opgebouwd in de twintig jaar dat hij professioneel actief is in de muziek.

 

In 2003 begon hij de band Nobody Beats the Drum, omdat zijn demo werd goegkeurd door de Grote Prijs van Nederland. Hij haalde muzikant Jori erbij en haalde Rogier als derde bandlid erbij, puur voor de visuals. “Ik ben best trots op mezelf dat we dat toen hebben bedacht, ik wilde mijn beste vriend erbij betrekken en dat pakte heel goed uit. Het beeld en geluid was, vooral in het begin, echt op elkaar afgestemd. Daar hebben we lekker mee gevlamd.” Ze wonnen direct de Grote Prijs, haalden het nieuws en werden gelijk op festivals als Dance Valley, Mysteryland en Solar neergezet. “Uit het niets hadden we ineens een band. Echt professioneel was het nog niet, we hadden geen tourmanager, maar gingen met een bus vol spullen door het land.” Uiteindelijk tourden ze zelfs de wereld over, soms zaten ze zelfs een half jaar in Amerika, alleen maar om op te treden. Doordat ze bij een grote boeker belandden, die ook Tiësto en Skrillex boekte, kregen ze steeds grotere shows, maar werd er ook steeds meer aan ze gevraagd om die commercieel aantrekkelijkere EDM-kant op te gaan. “Daar begon het te wringen bij ons. We hielden altijd wel van de punkmentaliteit binnen het dance ding, met the Prodigy en de Chemical Brothers als inspiratie. Uiteindelijk lag er een grote platendeal op tafel van een groot EDM-label met een commitment voor tien jaar. Toen we daar goed over na gingen denken dachten we: willen we dit wel? De conclusie werd: nee, we willen dit helemaal niet meer en moesten die boekers ook melden dat we compleet met de band stopten. Dat was wel even slikken ja, ik had nog wel op een andere manier door willen gaan. Ook zat ik nog in het Boemklatsch collectief, en speelde elk weekend veel shows. Van festival naar festival, hard werken maar lekker gaan. Het was een vet gevoel dat alles alleen maar lukte.”

 

Noodgedwongen moest Sjam Sjamsoedin terug naar de tekentafel om te bedenken wat hij echt wilde. “Voor mij het is een constante maar vet leuke zoektocht. Qua sound ben ik niet per se heel stijlvast, ik vind veel dingen vat. Ik luister naar klassiek, pop, reggae, jazz, hiphop, electro, house, techno.. Dat is soms nog wel eens lastig, muziek verkoopt het makkelijkst als je één specifiek ding doet. Als je Orion uit 2017 vergelijkt met mijn nieuwe EP verschilt dat best wel. Het ging eigenlijk van downtempo electronica naar electro. Van emotionele luistermuziek tot meer knallen, gruizig en ruimte voor experiment. Dat past toch wel wat beter bij me. Bij Nobody Beats the Drum en Boemklatsch was het ook een kwestie van het podium oplopen en de deur intrappen, dat punk-achtige.“

 

Die deur intrappen gaat Sjam doen op 12 oktober bij Radio Radio, met zijn splinternieuwe modular liveshow. Om te vieren dat zijn nieuwe EP ‘Release’ uit is. Om te vieren dat hij vijf jaar geleden voor het eerst zijn eigen modular synth in elkaar sleutelde. En om te vieren dat hij precies twintig jaar geleden voor het eerst muziek maakte met een elektronische drumcomputer.

Made of moments

Om deze website te bezoeken moet je 18 jaar of ouder zijn

Ontdek Kornuit
Vul je geboortedatum in

Met trots voor u gebrouwen. Geen 18, geen alcohol. overAlcohol